Nieuwe pensioenregeling Nederlands Pensioenbureau - Legal

Nieuwe pensioenregeling 

Pensioenadvies voor het transitieplan van uw organisatie   

Hoe ziet de huidige pensioenregeling eruit?

Bij de huidige pensioenregeling zijn er drie mogelijkheden:

  • Uitkeringsovereenkomst Er is een vaste pensioenuitkering overeengekomen.

  •  Premieovereenkomst Het pensioen staat nog niet vast, wel het premieverloop. 

  • Kapitaalovereenkomst Het pensioenkapitaal staat op pensioendatum vast.

Soorten pensioenregelingen

Er zijn in Nederland verschillende soorten pensioenregelingen. De meest voorkomende pensioenregeling is de uitkeringsovereenkomst en de premieovereenkomst.
1. Uitkeringsovereenkomst

Deze overeenkomst kan je onderverdelen in:

Middelloonregeling (ongeveer 70% in Nederland)
Hierbij hangt het pensioen af van het aantal dienstjaren en hoogte van het salaris in deze periode.

Eindloonregeling (ongeveer <0,1% in Nederland)
Hierbij hangt het pensioen af van het aantal jaren dat je in dienst bent geweest en je laatst verdiende salaris;


2. Premieovereenkomst

Bij de premieovereenkomst weet je welk bedrag wordt afgedragen door de werkgever aan de pensioenuitvoerder. In de meeste gevallen wordt het geld belegd en is de opbrengst niet altijd zeker. Hierbij gaat het over de beschikbare premieregeling.

 

3. Kapitaalovereenkomst

Deze regeling komt niet heel veel voor. Hierbij staat de hoogte van het kapitaal bij pensioendatum vast. Met een winstuitkering kan het bedrag verhoogd worden. Er zijn ook nog combinatieregelingen. Deze regelingen zijn een mix van twee soorten pensioenregelingen.

Vanaf 2027 behoren een kapitaalovereenkomst en een uitkeringsovereenkomst  in de huidige vorm tot het verleden.

Vanaf 1 januari 2027 is er alleen nog sprake van een premieregeling. Hierbij kan gekozen worden uit:


  • Het nieuwe pensioencontract; 

    In het nieuwe contract wordt een pensioendoelstelling afgesproken en de premie die nodig is om die doelstelling te realiseren;

  • De verbeterde premieovereenkomst. Dit is een variant op de huidige reeds bestaande vorm;

  • De bestaande premie-kapitaalovereenkomst¹;

    Dit is een premieregeling waarbij de pensioenpremie direct wordt aangewend voor de aankoop van een gegarandeerd kapitaal op pensioendatum;

  • De  bestaande premie-uitkeringsovereenkomst¹

    Dit is een premieregeling waarbij de pensioenpremie direct wordt omgezet in een aanspraak op een vaste levenslange pensioenuitkering vanaf de pensioendatum.

Deze regelingen kunnen alleen door verzekeraars worden uitgevoerd. 

Wat verandert er nu ten opzichte van de oude contracten?

Vaste premie

Het nieuwe pensioencontract kent een leeftijdsonafhankelijke (vaste) premiepercentage. Het uitgangspunt van een premieregeling met een vaste premiepercentage is het benaderen van een uitkeringsovereenkomst. Er komt voor alle deelnemers een gelijkblijvende leeftijdsonafhankelijke premiepercentage.

Werkgevers kunnen kiezen;

  • Compensatieregeling: Een nieuwe regeling afsluiten en de huidige werknemers die hier financiële nadelen van ondervinden te compenseren; of

  • Eerbiedigende werking: De bestaande regeling behouden voor huidige werknemers en voor nieuwe werknemers een nieuwe regeling met een vast premiepercentage af te sluiten.  

Beschikbare premieregeling nieuw pensioenstelsel

Compensatie

Bij sommige van de huidige pensioenregelingen geldt een progressieve premie, hoe ouder je wordt hoe meer premie ingelegd wordt. Dit kan ongunstig uitpakken voor oudere werknemers die nu een premieregeling hebben, omdat de jaren met de hogere premies juist nog moeten komen. Hierbij moet goed gelet worden dat als er sprake is van een versobering van het nieuwe contract ook de deelnemer die nog niet in dienst was bij aanvang ook wordt gecompenseerd. De compensatie wordt tijdsevenredig toegekend over de compensatieperiode. De compensatieperiode duurt uiterlijk tot 1 januari 2037. Dit vereist maatwerk.

Nabestaanden- en wezenpensioen

Met het nieuwe pensioenstelsel verandert de nabestaanden (NP) - en wezenpensioen (WP) . Het wordt een stuk eenvoudiger. Er komt nog maar één nabestaande pensioen waarbij de partner recht heeft op maximaal 50% van het pensioengevend loon. (Dus zonder aftrek van de franchise en niet meer diensttijdafhankelijk) Met name voor de lagere salarissen kan dat een verdubbeling van de dekking inhouden. Het nabestaandenpensioen is op risico basis, hetgeen betekent dat zolang je bij  deze werkgever meedoet met de pensioenregeling. Dit nabestaandenpensioen verdwijnt als je niet meer deelneemt aan de pensioenregeling.

 

Het wezenpensioen mag in het nieuwe stelsel 20% van het nabestaandenpensioengevend salaris bedragen. In het geval dat beide ouders zijn overleden (volle wezen) is dit 40%. Wezenpensioen geldt tot 25 jaar.

Fiscale aspecten

Voor alle typen pensioencontracten geldt hetzelfde fiscale kader. Na de overstap begrenst het fiscale kader alleen de inleg van pensioenpremies, niet de opbouw van pensioenaanspraken. Er gaat een uniforme leeftijdsonafhankelijke premiegrens gelden voor iedereen. De premie wordt begrensd op 30% van de pensioengrondslag. De premiegrens mag tot 1 januari 2037 worden verhoogd met 3%. Deze pensioenruimte is bedoeld om de compensatie van de transitievergoeding te financieren.

Invaren en compensatie

Bij de overgang naar een nieuw pensioencontract kan er besloten worden of bestaande rechten worden ingevaren in het nieuwe contract. Invaren betekent het omzetten van de bestaande rechten en aanspraken naar het nieuwe contract. Invaren is niet wettelijk verplicht, maar wel het uitgangspunt. Werkgevers/Werknemers (OR/PVT) kunnen hiervan afzien als het invaren leidt tot een onevenredig nadeel voor de belanghebbende. Omdat de belangen niet voor elke werknemer hetzelfde zijn, is het belangrijk om dit individueel te bekijken.

Compensatie is maatwerk

Iedere pensioenregeling en iedere deelnemer is verschillend. Als er sprake is van achteruitgang moet daarvoor een adequate compensatie worden aangeboden. Iedere werknemer waarvoor compensatie geldt, heeft hier aanspraak op. Niet alleen de werknemer die al een dienstverband hebben, maar ook de deelnemer die nog niet in dienst was bij aanvang van de compensatieperiode. De compensatie wordt tijdsevenredig toegekend over de compensatieperiode. Deze duurt tot uiterlijk 1 januari 2037.

Financiering van de compensatie

Compensatie kan een flinke financiële impact hebben. Als de compensatie is toegekend, dient deze in zijn geheel gefinancierd te worden. Er komt een maximaal fiscaal toegestane pensioenpremie. De hoogte van deze vlakke premie bedraagt 30% van de pensioengrondslag. Tot 1 januari 2036 mag de premiegrens worden verhoogd van 30% naar 33%. Deze extra premieruimte is bedoeld om de compensatie van de transitie te financieren.  

Opdrachtbevestiging

Naast de opdrachtaanvaarding dient volgens het wetsontwerp ook een opdrachtbevestiging te worden opgesteld. Dit zorgt ervoor dat werkgevers/sociale partners en de pensioenuitvoerder een identiek beeld hebben van de opdracht. De formele opdrachtaanvaarding en - bevestiging komt achteraan in het transitietraject. Het bevat het geheel aan afspraken over de toekomstige en opgebouwde pensioenen (inclusief invaren en compensatie) en de uitvoering daarvan. Hiervoor moet eerst de gehele governancecyclus doorlopen zijn.

Overgangsrecht voor de pensioenregeling

Voor bestaande beschikbare premieregelingen, eind- of middelloonregelingen geldt een overgangsregeling die bepaalt dat uiterlijk op 1 januari 2027 wordt overgaan naar een leeftijdsonafhankelijke vlakke premie. De deelnemers die op het moment van overgang deelnemen aan de genoemde regelingen kunnen gebruik blijven maken van de met de leeftijd oplopende premiestaffel. In het wetsvoorstel is een begrenzing opgenomen in de vorm van een premiestaffel die overeenkomt met de premiegrens van 30% van de pensioengrondslag. Voor alle deelnemers die na het moment van overgang in dienst komen geldt de vlakke premie.

Hoe kunnen wij u met pensioentransitie helpen?

arrow_drop_up arrow_drop_down